Maarten is mantelzorger voor zijn buurman: 'Ik beloofde het zijn overleden vrouw'
In dit artikel:
Ze vertelt hoe een vriendschap met de buurman Cor uitgroeide tot jarenlange mantelzorg nadat zijn vrouw in 2016 plotseling ernstig ziek werd en kort daarna overleed. Uit respect voor die belofte begon ze wekelijks bij Cor op de koffie te gaan; wat begon als aandacht en gezelschap groeide langzaam uit tot hulp bij alledaagse dingen: eten brengen, kleding helpen aantrekken, kleine klusjes en toezicht tijdens vakanties via andere buren. Die dagelijkse zorg nam in de loop van vijf jaar steeds meer ruimte in haar leven in.
Tijdens de coronaperiode merkten ze elkaar scherper op: ze greep kordaat in als Cor niet goed voor zichzelf zorgde — zorgen dat hij at en dronk — en zag hem daar regelmatig door opknappen. In 2021 kreeg Cor een blaasontsteking en covid; hij moest naar het ziekenhuis en herstelde aanvankelijk. Later kreeg hij in de recovery een lichte tia waarop een zware beroerte volgde. De verteller was bij hem betrokken tot zijn laatste momenten: ook toen hij niet meer kon reageren, waren zij en zijn dochter bij hem, en zij was erbij toen hij zijn laatste adem uitblies. Dat sluit voor haar de cirkel van de zorg.
De zorgrelatie voelde nooit als plicht maar vooral als verbondenheid: ze hield vol omdat ze Corrs vrouw dat beloofd had en doordat er een warme klik tussen hen was. Toch kostte het haar tijd om los te komen; ze bleef aandachtig naar zijn huis kijken en merkte dat het de kleine, routinematige handelingen waren die zorg vormgaven. Ze benadrukt dat goede zorg niet per se een bloedband vergt en dat dit anders aanvoelde dan werken in een verzorgingshuis.
Na Cors dood is ze geen intensieve mantelzorger meer. Ze helpt haar nog zelfstandige ouders met klusjes en onderhoudt sociale contacten met oudere vrienden. Ze woont nog steeds in hetzelfde huis en is tevreden dat ze gebleven is; mocht zij ooit zelf in de positie van zorgbehoevende komen, hoopt ze op iemand als zijzelf: zorg die voortkomt uit aandacht en liefde.