Leven na kanker: 'Mensen zeiden: 'Fijn, nu kun je weer door"
In dit artikel:
KWF Kankerbestrijding benadrukt dat kanker niet ophoudt wanneer de medische behandeling eindigt: in Nederland leven ruim 900.000 mensen met of na kanker die nazorg en begeleiding nodig hebben. Woordvoerder Gilles van Santvoort legt uit dat KWF projecten financiert en partijen verbindt om nazorg breed toegankelijk en zichtbaar te maken. Voorbeelden zijn honderd IPSO-centra en diverse (tumorspecifieke) patiëntenorganisaties voor lotgenotencontact, en digitale platforms zoals Kanker.nl. Voor jongvolwassenen tot 39 jaar bestaat het AYA Jong en Kanker Zorgnetwerk.
Nazorg begint officieel na de behandeling, maar KWF adviseert er al tijdens de behandeling over te praten met huisarts en ziekenhuis, zodat begeleiding soepel overgaat in passende nazorg. Belangrijke doelen zijn het vroeg herkennen van klachten en het verbeteren van kwaliteit van leven, niet alleen medisch maar ook mentaal en sociaal.
Sommige ziekenhuizen, zoals Radboudumc (Nijmegen), LUMC (Leiden) en het Prinses Máxima Centrum (Utrecht), hebben speciale LATER-poliklinieken. Deze richten zich op late gevolgen van kanker en behandelingen: niet alleen fysieke klachten maar ook vermoeidheid, concentratieproblemen, angst, pijn en werkgerelateerde vragen. De aanpak kijkt naar het totale plaatje van gezondheid en levenssituatie en biedt onderzoek, advies en begeleiding.
Stichting Tegenkracht, die al twintig jaar mensen tijdens en na kanker ondersteunt, benadrukt het belang van professionele leefstijlbegeleiding: bewegen, mentale aandacht en voeding verbeteren herstel en levenskwaliteit. Tegenkracht brengt deelnemers in contact met lokale professionals; hun netwerk omvat onder meer 122 diëtisten, 78 sportartsen en 127 psychologen. Begeleiding is altijd persoonlijk en afgestemd op wat iemand aan kan.
Wetenschappelijk onderzoeker en psycho-oncologe Marije van der Lee pleit voor een mensgerichte, integrale benadering. Zij stelt dat na de medische behandelingen vaak een kwetsbare periode volgt waarin mensen lichamelijk en emotioneel veranderd zijn, terwijl hun omgeving al weer doorgaat. Emoties als angst en verdriet horen erbij en vereisen ruimte en psychologische zorg als vanzelfsprekend onderdeel van nazorg.
Er zijn ook praktische en laagdrempelige initiatieven: coach Marionne Lips (ervaringsdeskundige) begeleidt vrouwen na borstkanker in de natuur. Zij merkt dat rust en vertraging buiten helpen om weer contact te maken met jezelf en te reflecteren op wat er diepgaand is veranderd. Digitale herstelprogramma’s bestaan ook: Chantal (54), die in de zomer van 2025 borstkanker kreeg, ontwikkelde samen met een lotgenote het twaalfweekse Sareva-programma (samen revalideren na kanker). Dit digitale traject richt zich op vertrouwen, energie en balans, met oefeningen, een buddy-systeem en groepssessies.
Ervaringen van deelnemers illustreren het belang van maatwerk: Maria (48) benadrukt dat herstel tijd vraagt en dat niet te hard van stapel lopen helpt; Janna (54) vertelt dat re-integratie via het gespecialiseerde bedrijf re-turn haar hielp werkuren geleidelijk op te bouwen en grenzen te bewaken.
Kortom: nazorg vraagt om vroegtijdige planning, een integrale blik op fysieke en psychische gevolgen, professionele leefstijlbegeleiding, peer support en toegankelijke lokale voorzieningen zodat mensen na kanker niet alleen medisch maar ook sociaal en emotioneel verder kunnen.