In dit unieke Italiaanse dorp heeft ieder huis een andere kleur - en dit is de opvallende reden
In dit artikel:
In de Venetiaanse lagune, op korte afstand van de Serenissima, ligt Burano: een klein eiland dat bekendstaat om zijn felgekleurde gevels en ambachtelijke kantwerk. De opvallende kleuren — citroengeel, koraalrood, ultramarijn — stammen uit de visserstraditie: huizen werden in contrasterende tinten geschilderd zodat ze bij mistige omstandigheden vanaf zee eenvoudig te herkennen waren. Tot op heden moeten bewoners bij overschilderen toestemming vragen aan de gemeente; kleuren worden toegewezen om de visuele harmonie van het eiland te bewaren.
Tussen de vrolijke huizen staat het Huis van Bepi Suà, een voormalige bioscoop die door een lokale kunstenaar met geometrische, veelkleurige motieven werd bewerkt en uitgroeide tot een icoon van Burano. Maar het kleurenspel is geen rommeltje: het resultaat is een eeuwenoud evenwicht tussen regels, traditie en creativiteit.
Naast kleur is kant een tweede pijler van de identiteit. Vanaf de 16e eeuw ontwikkelde zich op Burano een verfijnde naaldkanttraditie die in heel Europa erkenning kreeg. Het Kantmuseum, gehuisvest in de oude school uit 1872, documenteert die geschiedenis; nog steeds maken oudere vrouwen soms nog kantwerk op straat. Het eiland telt ongeveer 2000 inwoners die het dagelijkse leven — vissers die netten herstellen, was aan de lijnen, spelende kinderen — combineren met toerisme. De geur van gebakken vis en de lokale ringvormige koekjes, bussolai, horen bij de sfeer.
Burano wordt vaak gezien als het opgewekte tegenbeeld van het ietwat plechtige Venetië: hier draait het niet om grote monumenten maar om rondslenteren, kleuren en reflecties in het water. Het eiland is compact — in een uur rond te lopen — en fungeert als levend bewijs dat kleur en ambacht een gemeenschap kunnen definiëren en beschermen, zelfs op mistige dagen.