Deze populaire zoetstoffen worden nu in verband gebracht met cognitieve achteruitgang
In dit artikel:
Nieuw onderzoek gepubliceerd in het vakblad Neurology vindt een verband tussen regelmatig gebruik van kunstmatige zoetstoffen en een snellere achteruitgang van geheugen en denkvermogen. Onderzoekers volgden 12.772 volwassenen (gemiddelde leeftijd 52 jaar) ongeveer acht jaar. Aanvankelijk rapporteerden deelnemers hun voedingspatroon; op basis daarvan werden ze verdeeld in drie groepen naar dagelijkse inname van kunstmatige zoetstoffen (gemiddeld ~20 mg, tussenliggend, en ~191 mg per dag — dat laatste komt grofweg overeen met de hoeveelheid in een blikje lightfrisdrank). Cognitieve tests werden bij aanvang, halverwege en aan het einde afgenomen om veranderingen in geheugen, taal en denkvaardigheid te meten.
De belangrijkste uitkomst: de hoogste innamegroep vertoonde een 62% snellere cognitieve achteruitgang dan de laagste innamegroep, wat de onderzoekers gelijkstelden aan ongeveer 1,6 jaar extra veroudering van de hersenen; de middelste groep zat rond 35% sneller (±1,3 jaar). Personen met diabetes lieten een sterkere achteruitgang zien dan mensen zonder diabetes. De studie koppelde zes verschillende kunstmatige zoetstoffen en suikeralcoholen aan slechtere cognitieve uitkomsten; in het artikel worden onder meer aspartaam en suikeralcoholen als erythritol en sorbitol genoemd.
De auteurs (onder wie Claudia Kimie Suemoto van de Universiteit van São Paulo) en externe deskundigen wijzen erop dat het om observationeel onderzoek gaat: er is een associatie, geen bewijs van directe causaliteit. Toch worden enkele plausibele mechanismen besproken. Mogelijke verklaringen zijn dat bepaalde zoetstoffen neuro-inflammatie of neurodegeneratie kunnen bevorderen, de darm-hersenas en microbiota kunnen ontregelen of de bloed-hersenbarrière kunnen beïnvloeden. Ook kan veel gebruik van kunstmatige zoetstoffen betekenen dat de hersenen minder beschikbare, bruikbare glucose krijgen, wat de energievoorziening van neuronen zou kunnen schaden.
Bij mensen met diabetes speelt waarschijnlijk een wisselwerking: zij hebben al een verhoogd risico op cognitieve achteruitgang door hoge bloedsuikers en insulineresistentie, gebruiken vaak vaker caloriearme zoetstoffen en kunnen daardoor hogere totale blootstelling hebben. Daarnaast kunnen sommige zoetstoffen het glucosemetabolisme en de darmflora beïnvloeden, wat de metabole controle verder kan verslechteren.
Wat betekent dit praktisch? Experts (waaronder neuroloog Clifford Segil en voedingsdeskundige Keri Gans) raden niet per se tot een totaalverbod, maar adviseren wel om dagelijkse inname te vermijden en het gebruik te beperken, vooral bij veelvuldige consumptie of bij diabetes. Als alternatief worden onbewerkte voeding en fruit aanbevolen als gezondere bronnen van suiker, en wordt benadrukt dat algemene hersengezondheidsmaatregelen — gezond eten, voldoende slaap en fysieke activiteit — belangrijk blijven.
Kortom: de studie wijst op een zorgwekkende samenhang tussen frequente consumptie van bepaalde kunstmatige zoetstoffen/suikeralcoholen en versneld cognitief verval, maar meer onderzoek (met name causale studies) is nodig om definitieve conclusies te trekken. Verminderen van dagelijks gebruik lijkt een verstandige, laagdrempelige maatregel, zeker voor mensen met risico‑factoren zoals diabetes.