4 vrouwen vertellen: 'Mijn reismaatje? Mijn hond!'
In dit artikel:
Vier Nederlandse vrouwen vertellen hoe hun leven en vakanties gevormd worden door hun hond(en). Elk portret schetst wie ze zijn, met welke viervoeter ze reizen, waar ze naartoe gaan, welke praktische hindernissen ze tegenkomen en waarom ze er niet zonder willen.
Karin (42), incassomedewerker, reist al jaren met haar Mechelse herder Utah; de hond was een dertigste-verjaardagscadeau en werd na haar scheiding haar belangrijkste steun. Hun allereerste solo-vakantie liep in Oostenrijk en Italië uit op een autopech waarbij Karin zich extreem alleen voelde — Utah bleef trouw aan haar zijde. Inmiddels ondernemen ze intensieve tochten: zelfs op 12‑jarige leeftijd liep Utah in één dag 16 km met 1.000 hoogtemeters. Karin wildkampeert, heeft in vier weken Scandinavië 8.000 km gereden en waardeert het gezelschap, de gesprekken met vreemden en het gevoel van veiligheid dat een grote herder uitstraalt.
Mardi (37), consultant, heeft de herplaatste Cavalier King Charles-spaniel Jagger Lou. Zij reisde altijd al alleen en paste snel haar reizen aan zodra ze Jagger kreeg: geen verre autoreizen naar Spanje, geen honden in het bagageruim van vliegtuigen; ze kiest korte autoritten naar België, Duitsland en Noord-Frankrijk of een huisje dichtbij. Voorbereiding is essentieel: van het opzoeken van losloopgebieden tot het vooraf doen van boodschappen. Praktische nadelen zijn klein maar vervelend, zoals niet even snel een openbaar toilet kunnen gebruiken omdat ze Jagger niet alleen wil laten.
Jolanda (46), helpende plus in de ouderenzorg, reist met drie honden: twee Staffords (Prada en Coupy) en een Thai ridgeback (Troy). Vanwege rasrestricties zijn sommige landen (Frankrijk, Noorwegen, VK, Spanje) lastig of uitgesloten; vliegen is voor haar niet haalbaar. Ze kampeert vaak en gebruikt slimme oplossingen zoals een waslijn om de honden rond de tent te houden of een schapennet als omheining. Massacampings mijdt ze; kleinschalige, groene plekken geven haar het meeste plezier. Reizen met z’n drieën geeft haar juist een groot gevoel van vrijheid.
Judith (47), secretaresse, woont met Pomeriaan Pommetje. Na haar scheiding begon ze weer zelfstandig te reizen — nu mét hond. Niet alle trips zijn vlekkeloos: een skivakantie mislukte omdat Pommetje luid en gestrest reageerde op alles op de piste en ook ziek werd. Kleinere honden hebben voor haar het voordeel dat ze vaak in de cabine mogen meevliegen; zo vloog ze bijvoorbeeld naar Ibiza. Haar reismetode is flexibel: op de bonnefooi naar Frankrijk rijden en ter plekke een hondvriendelijk hotel zoeken werkt prima. Haar toekomstdroom is een roadtrip door Amerika met Pommetje.
Algemene thema’s die door alle verhalen lopen: sterke emotionele band waarbij de hond een familielid of partner wordt; praktische voorbereiding (voedsel meenemen, huisjes verkiezen boven hotels, routes naar losloopplekken uitzoeken); beperkingen door regels of rasrestricties; en kleine ongemakken zoals het gebruik van sanitaire voorzieningen of het doen van boodschappen. Tegelijk geven de honden sociale toegang tot anderen en vergroten ze het vakantieplezier door samen buiten te zijn.
Kortom: voor deze vrouwen is reizen met een hond een bewuste afweging tussen praktische uitdagingen en de emotionele meerwaarde. De hond bepaalt bestemming, tempo en routinematig gedrag, maar levert daarvoor riante vrijheid, gezelschap en vaak onverwachte ontmoetingen onderweg.